‘Ik keek altijd tegen artsen op’

ja dokter nee dokter

Iedereen die regelmatig in de zorg komt, herkent het vast: je bent niet veel wijzer na een consult, je kunt niets met een advies en je weet niet wat je mankeert.

Zo ook Anne-Marie de Ruiter. Ze kreeg gezondheidsklachten waar zorgverleners geen raad mee wisten, waardoor ze jarenlang van het kastje naar de muur werd gestuurd. In het boek Ja dokter, nee dokter beschrijft Anne-Marie met veel humor over haar ontmoetingen met artsen en andere zorgverleners in herkenbare columns. Anne-Marie deelt in dit boek niet alleen haar zoektocht naar een diagnose en behandeling, maar bedenkt ook hoe het voortaan anders kan. Met de vele tips in het boek hoopt Anne-Marie lezers te inspireren om doktersbezoeken voortaan anders aan te pakken, zodat ook zij niet meer van het kastje naar de muur worden gestuurd maar juist een weg vinden in de zorg.

Je werd steeds van de ene naar de andere dokter gestuurd. Wat gebeurde er precies?

“Omdat zorgverleners niet wisten wat ze met me aan moesten, gaven ze me steeds door, als een hete aardappel. Uiteindelijk werd duidelijk wat er met mij aan de hand kon zijn, waarom ik telkens weer andere klachten kreeg. Maar gaandeweg maakte ik ook andere ‘reizen’ of deed ik meer ‘ontdekkingen’. Ik kwam mijzelf bijvoorbeeld tegen in mijn onhandigheid. Door maar mee te gaan in verwijzingen en behandelingen die ik niet zag zitten bijvoorbeeld, werkte ik vooral mezelf tegen. Ook ben ik anders gaan kijken naar artsen en paramedici. Voor mij zijn ze gaandeweg flink van hun voetstuk gevallen. Ik keek altijd tegen ze op, maar ze bleken wel erg ‘menselijk’. Hun persoonlijkheid heeft zoveel invloed op hun werk; dat had ik niet verwacht. Daardoor kon het gebeuren dat ik consulten had bij verschillende zorgprofessionals met hetzelfde vak, die het totaal anders aanpakten en met totaal andere conclusies kwamen. Juist door die gekke reis langs alles en iedereen, en omdat ik niet in een bepaald plaatje paste, legde ik denk ik ongewild de ‘zwakke plekken’ van de zorg bloot.”

Wat is je meest gekke ervaring met een dokter?

“Wat ik bijvoorbeeld opvallend vond, is dat meerdere zorgverleners hun eigen verhaal aan me gingen vertellen. Die zag ik nooit aankomen. In het boekje beschrijf ik dat in het stukje over de bedrijfsarts, maar het is veel vaker gebeurd. Ook met orthopeden heb ik een ‘speciale band’. De eerste liet zonder iets te zeggen of uit te leggen, mijn arm ingipsen terwijl er niets gebroken was (voor zover ik wist). De volgende begon te preken dat hij niets met mij kon en dat ik er zo gezond uitzag. Zo’n tekst verwacht je niet van iemand die er voor geleerd heeft. En de derde vond ik een schat, omdat hij spontaan zijn schoenen uit trok om oefeningen met me door te nemen, zodat ik niet naar de fysiotherapeut hoefde. Dat is toch geweldig.“

Hoe kwam je op het idee voor Ja dokter, nee dokter?

“Toen ik steeds meer klachten kreeg, was dat natuurlijk op zich al vervelend, maar wat het nog erger maakte was dat ik al die zorgverleners af ‘moest’. Stond ik er weer met mijn ‘zak vol botten’, zo voelde dat. Ik geneerde me vaak. Tegelijkertijd zat ik nogal eens met mijn oren te flapperen over hoe dingen gingen. Daarom ben ik aantekeningen gaan maken, dat hielp om meer afstand te nemen en er meer grip op te krijgen. Daarvan heb ik later een verhaal van gemaakt.”

Hoe krijg je een goede verhouding met je dokter?

“Ik denk dat geen enkele ‘patient journey’ prettig is. Dat hoeft ook niet, je doet het niet voor je lol. Maar om het jezelf en de ander makkelijker te maken, is open communicatie erg belangrijk. Dat deed ik niet altijd goed. Ik durfde vaak mijn mond niet open te trekken tijdens een consult.”

‘Ik legde ongewild de ‘zwakke plekken’ van de zorg bloot’

Wat hoop je met Ja dokter, nee dokter bij de lezer te bereiken? 

“Hoe gek het misschien ook klinkt, omdat mijn ervaringen niet altijd zo geweldig waren, ik hoop vooral dat de kloof tussen zorgverleners en patiënten kleiner wordt. Dat beide ‘partijen’ elkaar beter gaan begrijpen. Dat artsen door mijn boekje zich beter kunnen verplaatsen in iemand die door de zorg shopt. Zonder hem of haar te veroordelen. En dat ze minder vanuit hun boekjes en schema’s gaan werken; vanuit de diagnoses die zij in hun vak kennen. Maar met een open houding gaan kijken en luisteren wat er met die patiënt aan de hand is. Waar hij of zij tegenaan loopt, qua klachten maar ook in zijn of haar leven. En ik hoop dat patiënten door mijn boekje gaan inzien dat zij zelf ook een aandeel hebben in de behandeling en het contact. Dat je niet je verstopt maar dat je ook weer geen onderzoeken of behandelingen gaat ‘eisen’ omdat je er ‘recht op hebt’. De zorg is geen internetshop waar je kunt bestellen wat je nodig heb.”

Over Anne-Marie de Ruiter

Anne-Marie de Ruiter (1966) is in het werkend leven redacteur. Ze staat bij vrienden en kennissen bekend als het ‘altijd-wat-vrouwtje’ en in de zorg was zij jarenlang een hete aardappel, die telkens zo snel mogelijk werd doorgegeven. In Ja dokter, nee dokter deelt Anne-Marie haar ervaringen en ontmoetingen met opeenvolgende artsen en andere zorgverleners.

Ja dokter, nee dokter is verkrijgbaar via Bol.com en uitgeverijzezz.nl/webwinkel.